Worden toekomstige generaties opgezadeld met de gevolgen van het huidige beleid?

Worden toekomstige generaties opgezadeld met de gevolgen van het huidige beleid?

Bij het commentaar op de Troonrede en de Miljoenennota valt op dat in kranten vaak verwezen wordt naar het kabinet met een gat in de hand. Wie gaat straks de rekening betalen? De Volkskrant had het op de voorpagina over “zorgeloos geld uitgeven”. In veel commentaren wordt bestraffend gesproken over doorschuiven van de rekening naar de toekomst. Jongere generaties, die toch al getroffen worden door gebrek aan huizen voor starters en gebrek aan vaste banen worden nu ook nog verantwoordelijk voor de aflossing van schulden. Dat is toch ongewenst?

Laten we eens nuchter kijken naar de feiten. Bij de totstandkoming van de Euro is een Groei- en Stabiliteitspact gesloten dat het tekort op de rijksbegroting beperkt tot maximaal 3% en waarin de omvang van de staatsschuld onder 60% van het bruto binnenlands product (bbp) moet liggen. Deze normen zijn niet gebaseerd op onderzoek maar zijn tot stand gekomen in een handjeklap tussen de Eurolanden in een poging druk te leggen op het naar elkaar toegroeien van de verschillende economieën. En natuurlijk: een kleine staatsschuld is beter dan een grote omdat rentebetalingen over de staatsschuld beslag leggen op de ruimte voor de lopende uitgaven. Toen de afspraken rond het begrotingstekort totstandkwamen was de obligatierente zo’n 5%. Impliciet hield het limiteren van de overheidsschuld tot 60% bbp dus in dat 3% van het bbp maximaal zou mogen worden uitgegeven aan rente over de staatsschuld. Het lijkt een ruime norm, die nog ruimer zou worden als de rente zou zijn gestegen. Maar daar zit hem de kneep. Door het ingrijpen van de centrale banken, met name de Europese Centrale Bank, is de rente gedaald tot iets boven nul en voor landen zoals Nederland, met een gezonde economie is de rente op staatsobligaties zelfs negatief. Lenen kost voor de Nederlandse overheid geen geld, het levert geld op. Alles wijst erop dat deze situatie, weliswaar kunstmatig, nog lang zal aanhouden, gesproken wordt over tenminste tien jaar.

In zulke omstandigheden en rekening houdend met de ernstige recessie waarin we terecht dreigen te komen is het verantwoord het tekort te laten oplopen en de norm voor de overheidsschuld vast te stellen op bijvoorbeeld 80%. Dat levert het lieve bedrag op van €250 miljard dat de Nederlandse overheid de komende jaren kan besteden zonder de lopende uitgaven te belasten. Toekomstige generaties zullen daar niet onder lijden, zeker niet zoals de generaties van de zeventiger en tachtiger jaren van de vorige eeuw (jawel: de babyboomers) geleden hebben onder overheidstekorten van 10% bbp bij een obligatierente van 12%. Want de rentekosten zijn nihil of er wordt zelfs geld mee verdiend. Maar de aflossingen dan? Als we de maximale staatsschuld op 80% stellen dan hoeven we niet af te lossen zolang dat bedrag niet wordt overschreden. Dan werken we gewoon met revolverende leningen.

Het tegenargument dat je vaak hoort tegen een permanente overheidsschuld is dat het voor een huishouden een ongewenste zaak is om langdurig in de schulden te zitten en dat dit voor de staatshuishouding ook geldt. Dat is echt onzin. In ons land wordt veel gespaard en waar moet dat spaargeld heen als er geen instituties zouden zijn die dat geld lenen voor zinvolle uitgaven?

Zijn er dan geen voorwaarden? Jawel, de uitgaven die met geleend geld worden gefinancierd moeten bijdragen tot het verdienvermogen van onze economie. Met andere woorden, het moet gaan om investeringen of onderzoek en ontwikkeling. Met de in gang gezette overgang naar een fosielvrije economie en met het huidige woningtekort is er voldoende ruimte voor dit soort bestedingen. Voor Nederland zou de ontwikkeling en bouw van toriumcentrales buitengewoon lucratief kunnen zijn.

Ik vergeet nog één middel om uit de crisis te komen zult u zeggen. Inderdaad: het onmiddellijk uitkeren van de achterstallige indexatie op de aanvullende pensioenen. Dit zou een eenmalige impuls van €35 miljard en een structurele impuls van € 7 miljard per jaar betekenen. Allemaal geld dat grotendeels bij de lagere en middeninkomens van gepensioneerden terecht komt en dientengevolge nationaal wordt besteed. Met een eenmalig belastingvoordeel van €10 miljard en structureel extra belastinginkomsten van €2 à €3 miljard. Het geld ligt klaar, het kost de overheid niets.

Rob de Brouwer

16 september 2020

3 Reactie's
  • groeningen
    Geplaatst op 09:54h, 17 september Beantwoorden

    De banken crisis is ons overkomen , maar de krediet cisis heeft den Haag gecreëerd , door het paniek voetbal van het kabinet Rutte .

  • Peter Bouwman
    Geplaatst op 18:30h, 19 september Beantwoorden

    Geachte heer Brouwer, dank voor helder artikel. Toch een vraag ; u geeft aan dat 80% staatsschuld in de geschetste omstandigheden verantwoord is., waarom 80% ? En als we niet aflossen, mag de staatsschuld bij een volgende crisis dan verder stijgen? Waar ligt de limiet en hoe wordt die bepaald ?

    • robdebrouwer
      Geplaatst op 08:29h, 20 september Beantwoorden

      Geachte heer Bouwman, Er is geen objectief en wetenschappelijk onderbouwd criterium voor de overheidsschuld. Het is duidelijk dat de overheidsschuld niet zo groot moet zijn dat financiers daarvan het vertrouwen verliezen dat rentebetaling en aflossing zullen plaatsvinden en gaan speculeren tegen de betreffende munt. Dat gebeurde in landen als Zimbabwe, Argentinië en Bolivia. Maar het criterium dat bij de totstandkoming van de Euro is vastgesteld is willekeurig en aan de lage kant. Officieel streeft Nederland naar een evenwicht op de begroting met een staatsschuld van nul, maar dat is economisch gezien onzinnig. Spaargelden zoeken goede beleggingen en staatsobligaties zijn veilig en kunnen renderen (nu even niet door manipulatie van de centrale banken). Als ik pleit voor een maximale schuld van 80% wil dat niet zeggen dat de schuld 80% moet zijn. In tijden van hoogconjunctuur zal hij lager zijn. Overigens pleit ik elders voor terugkeer naar de splitsing van de begroting in een gewone dienst en een kapitaaldienst. Uitgaven in de kapitaaldienst mogen dan worden gefinancierd door leningen. Die uitgaven verbeteren het verdienvermogen van de economie. In de gewone dienst zitten de consumptieve overheidsuitgaven en die moeten uit de belastinginkomsten worden gefinancierd.

Geef een reactie